Vriendenuitstapje zaterdag 29 mei 2010

01 juni 2010

VRIENDENUITSTAPJE NAAR INSEL HOMBROICH

 

Het was het mooiste weer van de wereld toen we ’s morgens om negen uur bij het belastingkantoor in de bus stapten, vijftig in getal, en het bleef voor ons gevoel stralend tot we na het verrukkelijke buffetdiner in Roermond om ongeveer kwart voor negen opnieuw in de bus stapten om huiswaarts te keren. De druppels die daar toen vielen, verrasten ons, maar ze konden ons niet deren, omdat we vlak voor het restaurant werden opgehaald. Een uurtje later, in Tilburg, waar we te voet , met de fiets of met de auto naar huis konden, was het weer droog. Om tien uur in de avond waren we dus weer thuis, terugkijkend op een heerlijke welbestede dag van dik dertien klokuren.

 

’s Morgens waren we na een busreisje van een uur in het Duitse plaatsje Kempen beland, waar we ons in de geest van Thomas langdurig hadden kunnen bezinnen op christelijke waarden en normen, maar omdat daar in de quiz geen vragen over werden gesteld, - ja wel over Thomas maar niet over zijn Imitatio Christi -, deden we dat maar niet. Nee, we gingen winkeltjes kijken of op een rustiek pleintje samen met de autochtonen een kopje koffie drinken, onderwijl met elkaar babbelend over dat heerlijke leventje dat theaterminnaars konden genieten als ze zich maar groepeerden in een zo perfect geleide vriendenvereniging als de onze.

Na nog weer een busritje van een klein uur kwamen we in de buurt van Dusseldorf bij ons eind -doel: Museum Insel Hombroich, gesticht door ene heer Müller met geld dat hij verdiend had in de handel in onroerend goed. Müller was begon- nen als kunstverzamelaar en toen hij meer dan genoeg had, begon hij op een aangekocht landgoed gebouwen te plaatsen waarin hij het tentoon kon stellen. Het landgoed werd uiteindelijk 24 ha groot en is werkelijk prachtig aangelegd, met veel groen, talrijke kleine watertjes en veel watervogels, kikkers, bevers en wat dies meer zij. Het museumeiland is daardoor een prachtige combinatie van natuur en cultuur geworden en op zo’n verrukkelijke dag als de 29ste mei was het een waar paradijs. Midden op het grote landgoed stond een groot gebouw waar we ons na aankomst verzamelden ter versterking van de inwendige mens en ter leniging van overige noden.

 

Na een eenvoudige doch voedzame lunch van gratis verstrekt voedsel: roggebrood, krentenbrood, jam en stroop, lekkere zachte roomboter en heerlijke hardgekookte eieren naast zalige appels, kregen we na een kleine wandeling naar een tweede verzamelpunt, het gebouw ‘Turm’, aldaar een mooi concert van Indiase muziek aangeboden door twee zeer muzikale en fraai geklede reisgenoten, die met hun indrukwekkende Indiase instrumenten gezeten waren op een zacht kleed dat op de stenen vloer was neergevleid. Daarna kwam de vrouwelijke Duitse gids ons ophalen voor een rondleiding van negentig minuten – de groep onder leiding van een Nederlandse gids was toen reeds geruime tijd onderweg – waarin ze ons alles vertelde wat we maar wilden weten over dit paradijselijke museum en de kunst die het bevatte.

Rond vieren begonnen de inmiddels zeer verspreide reisgenoten zich uit alle gebouwen en schaduwplekken van dit kunstparadijs los te maken van de kunst en de natuur om langs de talloze grintpaden door het verkwikkende groen de weg naar het parkeerterrein te zoeken, alwaar de bus ons rond kwart voor vijf meenam naar het eerder genoemde restaurant in Roermond. Menigeen nam in het geroezemoes van de bus de gelegenheid te baat voor een heerlijk dutje. 

Het eten in Roermond was, zoals gezegd, uitstekend. Het was alleen een enorme tegenvaller, vooral voor onze lieve zorgzame leiding, dat die vermaledijde Limburgers voor onze drie consumptiebonnen slechts anderhalf glas wijn wilden inschenken, de krenten. We waren door het verkwikkende dutje in de bus heus wel bestand geweest tegen drie vinologische consumpties, maar door dat Limburgse truukje werden het er maar twee helaas. Ja, twee inderdaad, want onze zorgzame reisleiding had namelijk nog gauw een vierde consumptiebon bijbesteld gelukkig, en dat nog wel zonder nacalculatie. Tijdens het eten verblijdden vier jeugdige muzikanten ons met drie optredens waarin we telkenmale nogal welluidende maar ook tamelijk luide variaties op eenzelfde thema kregen aangereikt, maar het thema beviel het reisgezelschap toch kennelijk zo goed, dat er na afloop vele cd’s werden gekocht waarop een selectie van het muzikale aanbod tevoren al was vastgelegd. Toen de bus ons na een geanimeerde terugrit tenslotte in Tilburg uitliet, volgden er op de stoep nog een aantal roerende afscheidsscènes en vele vele bedankjes. En terecht.

Ad Haans 

 

Terug naar de vorige pagina
Totaaloverzicht