Vriendenetentje 8 april 2010

19 april 2010

Praten met de vrienden


Ik heb er zin in, een etentje van de vrienden van de schouwburg! Opgewekt stappen mijn man en ik op acht april tegen half zes naar de schouwburg. Alwaar ons zowél bij de kassa als onder én bovenaan de trap  de weg wordt gewezen naar de eetzaal. Met óók nog een warme welkomsthanddruk van Leo Pot bij de garderobe boven. De entree kan in ieder geval niet meer stuk. 
Binnen treffen wij de gasten met vork en mes in de aanslag aan tafel. Plaatsnemend  aan een van de tafels achterin - daar is nog net een plekje vrij-  drukken wij de handen van een ploegje  glimlachende, mij onbekende dames. Ik weet niet hoe het u vergaat, maar mij bezorgt het altijd een dubbel gevoel, aan de ene kant een vage ongerustheid doordat  je weet dat je het de komende twee uur met deze mensen moet doen, aan de andere kant nieuwsgierigheid doordat je waarschijnlijk  te maken hebt potentieel interessante gesprekspartners;  want wie zijn die vier glimlachende dames hier aan tafel? Ik zoek naar een opening voor het gesprek, maar voor ik van start kan gaan worden we tot stilte gemaand, de voorzitter spreekt!
Pierre van den Ende houdt het kort. Hij heet ons hartelijk welkom,  deelt ons mede dat de  gemeente niet teveel moet bezuinigen op de schouwburg, en wenst ons een gezellige avond. Dan nu het gesprek maar eens aangaan? Ik haal adem, maar moet mijn poging opnieuw onverhoopt staken. Een verrassing: Femke Swart en consorten. Deze  energieke en charmante dame met een gouden keel verzoekt ons mee te helpen aan haar onderzoek. Zij is conservatoriumstudent en onderzoekt  de manier waarop een uitvoerend musicalartiest zangtechniek in kan zetten om emoties over te brengen aan het publiek. Om te demonstreren wat ze bedoelt laten zij en haar mede-zangeressen het liedje ‘tuinpad van mijn vader’ op twee manieren horen: gevoelig en ‘beltend’. Dat laatste wil zeggen dat de uitvoerende dame (Lisanne van Veen of Trudy Veldhuis, dat mag ik kwijt zijn) een stem opzet als en misthoorn om het geluid tot in de verste hoeken van de schouwburg door te laten dringen.  Aangezien ik binnen schootsafstand van haar zit, - zo’n vijftien centimeter- word ik min of meer van mijn stoel geblazen.  Ik constateer dat de dame in kwestie de belttechniek goed onder de knie heeft. Het is een oorstrelend setje liederen dat ze laten horen . De stemmen kleuren prachtig bij elkaar, de techniek is professioneel en de liedjes, afhankelijk van het soort, ontroerend, vrolijk en aansprekend, net als de  acts. Te merken aan de lichaamstaal van de immer glimlachende dames aan mijn tafel vinden zij dat ook.
Het eten! Nadat ik de laatste hap smakelijke malse zalm doorslik moet het er toch eens van komen, denk ik, dat praatje. Ik haal adem, maar voor ik iets kan zeggen komen de zangdames weer binnen. Prachtig, prachtig, het is genieten. Klaar. Nu dan maar eens beginnen met dat praatje? Vragen naar bijvoorbeeld de favoriete schouwburgvoorkeuren van de dames? Helaas, daar komt de kabeljauw de zaal binnen, op de huid gebakken en wel,  die kan ik toch niet koud laten worden? Ook de vis is lekker. Zo, daar is ruimte, ik haal diep adem…! Nee hoor, wij worden getrakteerd op een nieuwe medley van de zangeressen,  ‘Make him mine’ genoemd, en daarna een hele mooie, ‘vrouw van de nacht’. Niet eens zulke makkelijke nummers trouwens, verrassend goed gezongen en met flair gepresenteerd.  Wij eten ons toetje, lekker romig en zoeoeoeoeoeot-zoet-zoet-zoet.  Meteen daarna wordt ‘Jij weet iemand dol te maken’  gezongen. Zal het daarna eindelijk lukken?
Jawel, het is ervan gekomen. De glimlachende tafeldames blijken grotendeels afkomstig  uit onderwijsland. Wij bespreken geanimeerd het dalend taalniveau van de Nederlandse bevolking en zijn blij. Wein, Weib und Gesang, het was er allemaal!  
 

 

Annet Weterings

 

Terug naar de vorige pagina
Totaaloverzicht